We maken op deze website gebruik van cookies. Wilt u weten wat dat betekent voor uw privacy?
Lees dan onze Privacy- en cookieverklaring. Klik hier voor een opt-out van Google Analytics op deze website.
Akkoord »

Menu Inloggen Mijn ESJ

Transitievergoeding in de Wet Arbeidsmarkt in Balans (Wab)

25 maart 2019

In de Wet Arbeidsmarkt in Balans is voorgesteld om de transitievergoeding-regeling op diverse punten aan te passen.

Een overzicht:

  • Nu hebben werknemers pas aanspraak op een transitievergoeding als zij twee jaar of langer bij een werkgever hebben gewerkt. Het voorstel is om werknemers aanspraak op een transitievergoeding te geven vanaf de allereerste dag van hun dienstverband.
  • Nu wordt bij de berekening van de transitievergoeding afgerond op halve dienstjaren. Het voorstel is om de transitievergoeding te gaan berekenen over de feitelijke duur van de arbeidsovereenkomst;
  • Nu geldt een hogere opbouw van de transitievergoeding vanaf tien jaar dienstverband. Het voorstel is om die afwijking in de opbouw af te schaffen, zodat voor ieder dienstjaar altijd 1/3 maandsalaris wordt opgebouwd.
  • Nu is de transitievergoeding onafhankelijk van de reden van het ontslag. Het voorstel is om met het invoeren van de nieuwe ontslaggrond de cumulatiegrond aan de rechter de mogelijkheid te geven om een halve transitievergoeding extra toe te kennen. De werknemer kan in dat geval dus de transitievergoeding maal 1 ½ toegekend krijgen.

Opbouw

Het is dus de bedoeling dat werknemers aanspraak krijgen op een transitievergoeding vanaf hun eerste werkdag (vanaf 01-01-2020). Let daarop bij het afsluiten van nieuwe contracten. Dat betekent dat de transitievergoeding soms over een hele korte looptijd moet worden berekend. Dit heeft gevolgen voor het Besluit loonbegrip vergoeding aanzegtermijn en transitievergoeding. Daarin is opgenomen op welke manier het loon voor de transitievergoeding berekend moet worden.

In het besluit wordt nu uitgegaan van een overeengekomen arbeidsduur per maand. Als geen vaste arbeidsduur is overeengekomen of als de arbeidsduur onregelmatig is, wordt het gemiddelde per maand genomen. Dat kan makkelijk omdat al meer dan twee jaar is gewerkt voordat überhaupt een transitievergoeding hoeft te worden betaald.

Door de voorgestelde wijziging van de Wab moet de transitievergoeding en dus ook het loon per maand ook voor heel korte contracten berekend kunnen worden. Daarvoor is een aanpassing in het besluit per 1 januari 2020 nodig.

Huidige berekening

  1. Voor de berekening van de transitievergoeding moeten nu drie stappen genomen worden:
  2. Allereerst moet het bruto maandsalaris langs de lijnen van het Besluit worden berekend.
  3. Vervolgens moeten daar de looncomponenten uit het Besluit en de Regeling looncomponenten en arbeidsduur aan toegerekend worden.
  4. Het bedrag aan loon dat hieruit komt, dient als basis voor de berekening van de transitievergoeding.

Voor het berekenen van de hoogte van het loon voor het berekenen van de transitievergoeding wordt de volgende formule gebruikt: Bruto uurloon x (gemiddelde) arbeidsduur per maand

Dit uitgangspunt wijzigt niet. Maar als de arbeidsovereenkomst korter dan een maand heeft geduurd, kan je niet spreken van een ‘arbeidsduur per maand’. Ook een gemiddelde arbeidsduur per maand is niet te berekenen volgens het huidige Besluit. Daarom wordt het Besluit aangevuld. Er wordt geregeld hoe de arbeidsduur per maand wordt vastgesteld voor arbeidsovereenkomsten die korter dan een maand hebben geduurd.

Als de arbeidsovereenkomst korter heeft geduurd dan een maand, dan wordt het loon per maand bepaald aan de hand van het totale bedrag aan bruto loon en looncomponenten dat gedurende de hele arbeidsovereenkomst verschuldigd was.

Als looncomponenten als vakantietoeslag en een vaste eindejaarsuitkering verschuldigd waren, dan moeten deze dus worden meegenomen in de berekening van het loon per maand.

Rekenvoorbeelden

De minister heeft een aantal rekenvoorbeelden gegeven:

Rekenvoorbeeld – loon per maand bij dienstverband korter dan een maand
Een uitzendkracht werkt 3 dagen van 8 uur als invaller, 24 uur in totaal. Na deze invalklus zegt de uitzendwerkgever het contract op. Het bruto uurloon is € 20 ex 8% vakantiegeld. De uitzendkracht heeft 24 maal € 20 + 8% = € 518,40. Dit bedrag wordt bij de berekening van de transitievergoeding gehanteerd als ‘loon per maand’.

De formule voor de transitievergoeding is:
(bruto salaris/loon per maand) x ((1/3 loon per maand) /12).
De hoogte van de transitievergoeding is:
(518,40/518,40) x ((1/3 x 518,40)/12) 1 x (172,80 /12) = € 14,40

Rekenvoorbeeld – transitievergoeding bij ontslag tijdens proeftijd
Een werknemer met een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd heeft een bruto maandloon van € 3.000 (inclusief vakantiegeld e.d.) afgesproken. De werknemer wordt na twee weken in de proeftijd ontslagen. Het bruto loon van de werknemer gedurende de hele proeftijd bedroeg € 1.500 (inclusief vakantiegeld). Het loon per maand van de werknemer is het feitelijke bruto loon gedurende de hele proeftijd: € 1.500.

De formule voor de transitievergoeding is:
(bruto salaris/loon per maand) x ((1/3 loon per maand) /12).
De hoogte van de transitievergoeding is:
(1500/1500) x ((1/3 x 1500)/12) 1 x (500 /12) = € 41,67

Tot slot

Heeft u vragen over de transitievergoedig in de Wab? Neem dan contact op met een adviseur van een van de vestigingen van ESJ Financial Engineering.
Breda
Zwijndrecht
Oosterhout

Kies een adviseur bij u in de buurt Neem contact op »

Op de hoogte blijven?
Meld u aan voor onze nieuwsbrief
Klik hier »×